Column week 41-2018.

Politiek-kenners Arno Walraven en Michel Graef zullen hier bij toerbeurt, elke zondag, een column in de vorm van een briefwisseling schrijven met betrekking tot ‘van alles’ wat zich in Horn afspeelt. Ik laat de artistieke vrijheid geheel aan hen over en heb zelf geen invloed op hetgeen zij schrijven. Ik wens u veel plezier met het lezen van hun gedachtewisseling!

  Arno Walraven.jpg Dhr Michel Graef.jpg  
  Arno Walraven Michel Graef  

Genieten

Michel, Geluk zit in een hanenkam! Tegenwoordig genieten mensen minder van de kleine dingen waar men vroeger juist veel plezier aan beleefde. Verjaardagen, Sinterklaas, kermis. Het waren bijzondere dagen, maar tegenwoordig is het elke dag Sinterklaas en kermis tegelijk. Ik kreeg fijne reacties op mijn column “Broodje pennywafel”. De hanenkam van Walraven wordt een luxe genoemd, die je slechts af en toe bij je oma kreeg. Op het College in de stad was Jan Vervuurt conciërge en tevens manusje van alles. Ongeveer zo oud als mijn vader. Een vriendelijke man. Hij had géén bijnaam, daarvoor was ons respect voor hem te groot. Elke dag maakten we een praatje en hij schudde zijn hoofd als we de koffiekannen weer eens hadden volgepropt met niet opgegeten boterhammen. “Doot de groete aan dien vader”, zei hij; “ich zal hem mer neet vertèlle waat gae hiej allemaol oêtsjpoêktj!”. Hij wist ook dat we stiekem rookten; Runner, het goedkoopste sigarettenmerk. Je kon de sigaretten per stuk kopen. Hij woonde in de Weergraaf; mijn ouders haalden er de kool- en preiplanten. We gingen destijd op zaterdagochtend nog naar school. Vervuurts dochter Jeanne vertelde me dat hij altijd een zak hanenkammen meebracht van de bakker als hij op zaterdagmiddag terugkwam uit school. Iets om nooit te vergeten, zei ze, want dan was het feest in de Weergraaf. Herr Doctor Van Rijswijck, de Soep, zou dat Schlaraffenland noemen. Mijn ongetrouwde oom Wel (Emmanuel), die me nog heeft leren hëüge, kwam iedere zaterdagavond bij ons televisiekijken. Hij mocht dan op de divan liggen onder het Heilig Hartbeeld, want als bakker moest hij de hele week vroeg uit de veren. Hij had altijd hanenkammen bij zich. En terwijl wij die met smaak oppeuzelden, vielen bij hem de luiken dicht. Het woordenboek kent onze betekenis van hanenkam niet, maar voor wie écht niet weet waarover ik het heb: het is een langwerpig rozijnenbroodje van ca 15 cm met een laagje glazuur eroverheen. Niet zelden zit er pudding in. Uiteraard in de vorm van –hoe kan het anders- een hanenkam. Een lekkernij. In België worden ze lange koeken genoemd. Ik eet liever hanenkammen. Ze smaken als rolkoeken, die in het Duits Rosinenschnecken heten. Het voert te ver om filosofische verhandelingen te voeren over tevredenheid. Mijn moeder zei: alles waar “te” voor staat deugt niet, behalve tevredenheid. En zo is het; wie met weinig tevreden kan zijn, heeft een koninkrijk op aarde. En wie niet kán genieten, ís ook vaak niet om te genieten. Waar zéker wat te genieten valt is op de vlooienmarkt van onze schutterij. Vanmiddag om 13.00 uur in de groen-gele tent aan de Heythuyserweg. Wees er als de kippen bij, want weg is weg en op is op. De veilingmeester is –als ieder jaar- onverbiddelijk! Eenmaal, andermaal, verkocht!

Arno Walraven, 7 oktober 2018