Column week 38-2020.

Politiek-kenners Arno Walraven en Michel Graef zullen hier bij toerbeurt, elke zondag, een column in de vorm van een briefwisseling schrijven met betrekking tot ‘van alles’ wat zich in Horn afspeelt. Ik laat de artistieke vrijheid geheel aan hen over en heb zelf geen invloed op hetgeen zij schrijven. Ik wens u veel plezier met het lezen van hun gedachtewisseling!

  Arno Walraven 1.JPG Michel Graef 1.jpg  
  Arno Walraven Michel Graef  

Vlinders

Michel, Iedereen maakt de laatste reis alleen. Dat wordt algemeen verondersteld. Pas hoorde ik een verhaal waaruit blijkt dat het misschien anders is. Familie en bekenden van een  terminaal zieke moeder werden dagen achter elkaar bezocht door drie wítte vlinders en één pikzwarte. In de symboliek staat een vlinder voor de onsterfelijke ziel en de kortstondigheid van het leven. Bovendien symboliseert hij wederopstanding. Op enig moment zaten de drie vlinders in onmiddelijke nabijheid van de ernstig zieke. Een teken dat ze haar gevonden hadden. De vlinders vertegenwoordigden overleden vrienden of familieleden die haar vanuit een hiernamaals zouden begeleiden op haar hemelse reis. Zou er meer zijn tussen hemel en aarde? Ik ken mensen die menen ’s nachts in hun diepe slaap bezoek te krijgen van overledenen. Spullen die in huis een andere plek krijgen of ineens spontaan stuk gaan. Kaarsen die zomaar doven, honden die van de ene op de andere dag het huis niet meer in durven. Wonderlijk zijn ook alle bijzondere gebeurtenissen tijdens de week van een uitvaart. Toen mijn vader overleed, viel een lange, stevige tuinmuur om. Misschien was die toch omgevallen, maar evengoed apart. Een polshorloge dat blijft staan op het tijdstip van overlijden, een deur die ineens klemt. Doden zijn niet stil. Het is een troostende gedachte als men waarde aan zulke gebeurtenissen toekent. Het maakt niet veel uit of we wel of niet in een leven na de dood geloven. Het zal er zeker mooi zijn, want er kwam nog nooit iemand van terug. De dood geeft betekenis aan het leven. Menigeen moet dood zijn om voor anderen levend te worden. Marlene Dietrich zei dat ze geen angst voor de dood had, maar wél voor het leven. Ik ben niet bang om dood te gaan. Ik wil er alleen niet bij zijn als het gebeurt. Zó ga je ’s avonds gezond naar bed, zó sta je ’s ochtends dood op. “Zolang we leven, is de dood er niet; en als de dood komt, ben ik weg”, is een uitspraak van Leo Polak. Als de erfgenamen niet geïnteresseerd zijn in wat je doet; ze hebben vast wel belangstelling voor wat je nalaat. Ik weet niet wat ik geloven moet. Soms gebeurt dat tegen beter weten in. Hoe minder een mens ziet, hoe groter zijn geloof is. De grote dichter Martinus Nijhoff zei: “Ik denk dat wij eeuwig leven; want ééns gegeven blijft gegeven.” Feit is dat ik vaak vlinders in mijn buik heb voelen kriebelen. Of dat witte of zwarte waren, weet ik niet. Deed er niet toe. Bij de entree van menige begraafplaats staat “Heden ik, morgen gij”. Ik hoop dat er vlinders in de buurt zijn om me te vergezellen tijdens de overtocht als het mijn tijd is. Het liefst drie witte. Dan komt het zeker goed. Geloof het of niet. Ik gelukkig wel. Maar ik ben dan ook een dromer.

Arno Walraven, 13 september 2020