Column week 22-2019.

Politiek-kenners Arno Walraven en Michel Graef zullen hier bij toerbeurt, elke zondag, een column in de vorm van een briefwisseling schrijven met betrekking tot ‘van alles’ wat zich in Horn afspeelt. Ik laat de artistieke vrijheid geheel aan hen over en heb zelf geen invloed op hetgeen zij schrijven. Ik wens u veel plezier met het lezen van hun gedachtewisseling!

  Arno Walraven.jpg Dhr Michel Graef.jpg  
  Arno Walraven Michel Graef  

Communiefeest

Michel, Op Hemelvaartsdag is in Horn communiefeest. In 1962 deden álle kinderen de communie. Destijds in de eerste klas. Je bereikte toen kennelijk eerder dan nu de voor de communie vereiste jaren van het verstand. De dag begon vroeg. Met een verrassing in het schuurtje: jonge konijntjes. Mijn vader had een perfecte timing gehad bij het laten dekken van het moortje door een ingehuurde rekel. De communicanten trokken in stoet vanaf de meisjesschool over het Kerkpad naar de kerk langs de in de modder wroetende varkens van Jac Schreurs. De voorbereiding gebeurde op school. Ook toen ik in Heel onderwijzer van de communieklas was. Fijne tijd. Tegenwoordig doet de school niet meer mee. Zoals met zoveel dingen. Jammer. Ik vind dat ze zichzelf tekort doet. Maatschappelijke betrokkenheid moet op school beginnen. Enkele dagen voor mijn communie overleed mijn opa en peetoom Engelbert Arnold Freulich uit Thorn. Op zijn begrafenis mocht ik het communiepakje al aan, een colbertje met korte broek. Op de communiedag zelf werd groot uitgepakt. Veel bezoek, eten en drinken. Ik kreeg géén fiets. Wel een zilveren rozenkrans. Maar gelukkig ook geschenken waar je wat aan had. “Alles is veel voor wie niet veel verwacht”, volgens JC Bloem. Het sprookjesboek dat ik van ome Baer en tante Trui uit de stad kreeg, heb ik nog steeds. Tegenwoordig lijkt communie op een folkloristische traditie. De acht communicanten zullen op de binnenplaats van het kasteel door schutterij en harmonie feestelijk afgehaald worden. Een volle kerk. Na afloop wordt gefeest. In menige tuin staat een feesttent, er is catering en Emile Schreurs heeft een biertap gebracht. Bij ons was het huis groot genoeg, het Huybenbier zat in houten kratjes en het de kaoj sjòttel en ’t werm vleis werd door mijn moeder en tante Zus bereid. En dat smaakte lekker! Enkele jaren later kwam pastoor Hell bij ons aan huis vragen of ik misdienaar wilde worden. Ik voelde er niet veel voor, maar mijn moeder zei dat het goed was. Gelukkig maar, want het was best een leuke tijd. Je leerde de fijne kneepjes van een oudere, ervaren misdienaar; in mijn geval Frits Theeven. Hij leerde mij de voetgebeden. Die waren in het latijn. Dat zat er bij mij dus al vroeg in, ook al ben ik wel eens aan het eind van mijn potjeslatijn. Toen Leo Jentjens jaren later bij ons op het postkantoor kwam vragen of ik acoliet wilde worden, was mijn moeder er weer bij. Ik was haar voor; ik werd géén acoliet. Ik wens alle communicanten en hun ouders een fijne dag. Grote kans dat de feestvierders ‘s avonds “zoea vaerdig es ein kemmuniejeske” het bed intuimelen in de wetenschap dat de éérste communie voor velen tevens de laatste zal zijn.

Arno Walraven, 26 mei 2019

Een tip voor wie geen communicant heeft: In Baexem organiseert Truus Poels het Accordeonfestival! Aanvang: 13.00 uur.

Dorpsgenoot Albert Barth overleed op 91-jarige leeftijd tgv een ongeluk. Een ongeval bracht de Franse ingenieur ook naar Nederland. Hij bleef in de PLEM aan de stroom hangen en vervolgens in het ziekenhuis aan een verpleegster. Europese eenwording avant la lettre. Adieu, Albert!  

Column Arno.JPG