Column week 19-2021.

Politiek-kenners Arno Walraven en Michel Graef zullen hier bij toerbeurt, elke zondag, een column in de vorm van een briefwisseling schrijven met betrekking tot ‘van alles’ wat zich in Horn afspeelt. Ik laat de artistieke vrijheid geheel aan hen over en heb zelf geen invloed op hetgeen zij schrijven. Ik wens u veel plezier met het lezen van hun gedachtewisseling!

  Arno Walraven 1.JPG Michel Graef 1.jpg  
  Arno Walraven Michel Graef  

Jaac

Als jongen was ik zeer onder de indruk van de schoenen van Pierre Waeyen. Waeyen kwam dagelijks bij mijn vader op kantoor. Ze waren bevriend en zaten samen bij de Drie Horens. Tegen mijn moeder zei ik: Ik wil schoenen hebben zoals Waeyen heeft. Gevlochten schoenen. Die kreeg ik toen niet; later heb ik ze zelf gekocht. Waeyen was kleermaker en woonde aan de Hoogstraat in een statig huis uit 1910. Als kind kwam ik wel eens in het naaiatelier met een doos knopen of zo. Ik was onder de indruk van de kleermakersschaar die in de toegangsdeur van het huis zat. Die zit er nog steeds. Ook later ben ik er met regelmaat geweest toen zijn zoon Jaac er woonde. Jaac was talentvol kunstenaar en had zijn atelier aan huis. Hij werkte voornamelijk met brons. Door heel Limburg staan zijn kunstwerken. In Horn maakte hij het Vastelaovesmonument bij de Sjaopesjtal. Op het Van Horneplein staat zijn magnus opus, de graaf van Horne. Het beeld op ware grootte werd geplaatst bij de herindeling met Haelen. Het werd een race tegen de klok, zoals bij Jaac alles een race tegen de klok was. Thuis hebben we een tweetal werken van zijn hand. Onlangs is Jaac overleden, veel te jong. Naast kunstenaar was Jaac levensgenieter. Dat schijnt vaak samen te gaan. Hij hield van originaliteit en had briljante ideeën. Maakte jarenlang het prachtige prinsenbeeld voor de Prins van de Remunjse Uul en ook vele Häorder Prinsen strooiden trots met het klatergoud dat door Jaac ontworpen en gefabriceerd was. Toen ik in 1983 Prins was, maakte hij de prinselijke medaille in de vorm van een bolhoedje met op de achterzijde de tekst “Sinterklaos waas auch ein aod menke”, verwijzend naar mijn rol als Goedheiligman in het dorp en mijn optreden op de bonte avond. Voor mijn adjudant Sander ontwierp hij een speciaal adjudantenteken en in dat jaar introduceerde hij de onderscheiding “Broor van de Sjaopsköp” waarvan er slechts één is gemaakt. Een collectors item. Die is uitgereikt aan mijn broer. Ook de Duim die ik als Vorst uitreikte was een idee van Jaac en werd –uiteraard- door zijn vaardige en kreatieve handen vormgegeven. Ik heb het ontwerp van de Hornse vastelaovesvlag nog in huis, een eerste ruwe schets waarmee ik de vergadering van de Raad van 11 moest overtuigen van het belang van het hebben van een vlag. Dat kostte overigens nog heel wat kruim. De vereniging was destijds nogal traditioneel en terughoudend en Jaac stond bij de leden bekend als kreatief en vindingrijk, maar vooral als een dromer en fantast. Vaak tegen de keer in. Karaktervol, als zijn kunstwerken. Hij was wars van strakke protocollen. Vastelaovendj moest net als het leven los en ongedwongen zijn, niet te zeer uitgestippeld en georganiseerd. Hij was de initiatiefnemer van de Sjaopswei en het bezemsteken. De Wei eert hem met een mooie tekst op facebook waarin staat dat Jaac zijn aardse atelier heeft ingeruild voor een hemelse werkplaats. Zoiets zou hij mooi gevonden hebben. Rust zacht, Jaac.

Arno Walraven, 9 mei 2021