Column week 11-2019.

Politiek-kenners Arno Walraven en Michel Graef zullen hier bij toerbeurt, elke zondag, een column in de vorm van een briefwisseling schrijven met betrekking tot ‘van alles’ wat zich in Horn afspeelt. Ik laat de artistieke vrijheid geheel aan hen over en heb zelf geen invloed op hetgeen zij schrijven. Ik wens u veel plezier met het lezen van hun gedachtewisseling!

  Arno Walraven.jpg Dhr Michel Graef.jpg  
  Arno Walraven Michel Graef  

’t Sjtertje van Marieke

Michel, Brabantse nachten zijn lang. Dat heb ik in het ziekenhuis in Eindhoven wel ervaren. Wat was ik blij toen ik in Roermond was en al helemaal terug thuis in Horn. Bezoek gehad, veel kaarten gekregen, telefoon en apps. Bloemen, bonbons, een fruitschaaltje van de Prins. Hartelijkheid. Vele kaarsen hebben gebrand. En niet voor niks. Kort na mijn operatie kreeg ik de hik. Had ik jaren geen last van gehad. Geen pretje met een doorgezaagd borstbeen. Ik moest meteen aan mijn moeder denken, aan een van haar fameuze spreuken: “Kleintjes hikken zich groot; groten hikken zich dood.” ’t Zal toch niet waar zijn zeker. Maar gelukkig lijdt een mens het meest van het lijden dat hij vreest. Ik kreeg “groete oêt de fiësttent” en genoot in het ziekenhuis –voor zover mogelijk- van de vastelaovesmuziek van L11. Oude en eigentijdse liedjes wisselden zich af. Hoondervel, de Seurama’s, Wiel Knipa. En vanaf de overzijde van de Maas hoorde ik de laatste flarden van Bella Marie. Ein vastelaovesliedje is de beste mediciên. Ik herinner me dat mijn vader het Zitterdse liedje “’t Sjtertje van Marieke” zong. Tot verleden week had ik het nooit meer gehoord. Mijn genezingsproces kreeg ook een staartje. Daarom moest ik noodgedwongen langer in Roermond verblijven. Dat heeft me wel doen ervaren hoeveel bezorgde en zorgzame mensen er zijn. De oud-huisarts uit Heel die me elke ochtend trakteerde op een peertje. Betrokken hulpverleners die op het juiste moment de goeie dingen doen. Engelen bestaan dus. Ze heten bijvoorbeeld Josje, Judith of Jasna. Mensen die je liefdevol verzorgen, aandacht geven, die je onder de douche zetten en wassen. Toen een zuster de douche binnenkwam en zei: “Dat ziet er goed uit”, voelde ik me top. Zelfs toen bleek dat ze het litteken bedoelde. Dankzij de vele levertraan in mijn kindertijd zakten de leverwaarden snel en keerde ook de eetlust terug. De dagen ervoor moest ik me dwingen te eten en ook hier brachten mijn kinderjaren uitkomst. Bij iedere hap dacht ik aan iemand speciaal. En voor de rest moest ik maar naar mijn eigen lichaam luisteren, zei de zuster. Tja, naar welk ander zou ik kunnen luisteren? In het vele bloed dat geprikt werd, zat geen druppel alcohol; er zijn wel eens Vastelaovendje geweest dat het anders was. Je leert gewone dingen waarderen. Op enig moment had ik bijzonder veel trek in een kroket. Na topoverleg met de zaalarts werd besloten dat ik die mocht hebben. Verrukkelijk! Geen gewone kroket, maar een croquette! En ’s anderendaags een slaatje. En tóch moest ik steeds denken: Och waas ich mer biej Agnes toês gebleve..

Arno Walraven; 17 maart 2019

Ps; Mijn stem mankeert gelukkig niets. Woensdag gebruik ik ze. Ook provinciaal stem ik lokaal en kies voor ervaring, kwaliteit, jeugdig elan en deskundigheid. Michel Graef dus; lijst 10, nr. 7. Tip: Néét twiefele; dóón!