Column week 10-2020.

Politiek-kenners Arno Walraven en Michel Graef zullen hier bij toerbeurt, elke zondag, een column in de vorm van een briefwisseling schrijven met betrekking tot ‘van alles’ wat zich in Horn afspeelt. Ik laat de artistieke vrijheid geheel aan hen over en heb zelf geen invloed op hetgeen zij schrijven. Ik wens u veel plezier met het lezen van hun gedachtewisseling!

  Arno Walraven 1.JPG Michel Graef 1.jpg  
  Arno Walraven Michel Graef  

Oh, happy day!

Michel, De bonte storm is uitgeraasd. Wellicht hangt de beurs na drie dolle dagen plat aan de waslijn; als het hart wat rijker is, is dat pure winst. De Prins trad af. Niet meer op de tafel zoals bij Ietje; die traditie is helaas voorbij. Agnes en ik waren in Lissabon. We vierden daar mijn verjaardag, een kroonjaar. In de Portugese hoofdstad woont mijn petekind Nouri en ons buurmeisje Nikki, met Pedro en Lucas. Die hebben we dus bezocht. We leven dit jaar een dag langer, want gisteren was de schrikkeldag. Als je dán jarig bent, ben je nog niet jarig. Ik snap nu waarom Claudia Theunissen zo jong blijft. Vijftig jaar geleden werd in Horn de eerste jongerenviering gehouden. Zaterdag gaat de jongerenkerk op herhaling met teksten en liederen van weleer. Een koor van dik 100 reünisten beleeft opnieuw de tijd van toen. Ook ik was lid van het jongerenkoor en bewaar bijzonder mooie herinneringen aan die tijd. We waren tieners en jong volwassenen, zaten op school en hadden in onze vrije tijd de voetbalclub en de jongerenkerk. We gingen naar HOJ, hadden onze eerste scharrels en konden avondenlang rikken. Vaak met z’n zestienen. Gewoon thuis en daarna soms nog even naar de kroeg; naar Barten (nu Aan de Kirk), Jakma (nu De Graaf van Horne) of ‘t Kelderke (nu Wat & Halfwat). We hadden een zaterdagbaantje en ‘s zomers deden we kindervakantiewerk. We waren een hechte groep. Close en onbevangen. Dat bleek wel toen Paul Caris ernstig ziek werd. We begeleidden hem tot het niet meer ging. Hij overleed in 1975, twintig jaar oud. We hadden geen computer, geen handy, geen social media of WhatsApp. Er was een telefoonlijst, maar die was zelden nodig. We zagen elkaar dagelijks en gaven gewoon face to face door wat ons bezighield. Ik zong er mijn eerste solo, Go down, Mozes, terwijl mijn tegenwoordige collega Marij Schreurs Oh, happy day vertolkte. Feyenoord won de Europacup en Ajax ging erop en erover. Na school hele middagen voetballen op de Eindstraat. Het halve dorp was er. Soms raakte de bal de hoogspanningskabels met stroomuitval tot gevolg. Daar was bakker Walraven niet blij mee, want de koelingen vielen uit. Ik zie Jan Roumen nog in de hoge houten palen klimmen. Precies een halve eeuw na dato wordt het oude repertoire met liederen als Put your hand, California dreaming en Let the sun shine onder het stof vandaan gehaald. De ooit kraakheldere stemmen zijn door de dirigenten Theo Peeters en Wim Hamans zo goed en zo kwaad als mogelijk ontdaan van een laagje roest. De oud-koorleden hebben er zin in en zien uit naar een bijzonder gebeuren. Ik zou zeggen: komt dat zien. En horen!  Bij een lekker glas zullen ’s avonds de sterke verhalen niet van de lucht zijn. In de Beatrixzaal waar het ooit begon zullen vele herinneringen worden opgehaald en oude vriendschappen vernieuwd. Met de conclusie “Oh, happy day” zal de cirkel dan rond zijn.

Arno Walraven, 1 maart 2020